Fine Art prints Door Printbeat

Je schilderij fotograferen voor een reproductie

Je schilderij fotograferen voor een reproductie | printbeat.nl

Bijna elke kunstenaar die prints van eigen werk wil laten maken, begint met een foto van zijn telefoon. Logisch, want het werk hangt er en de telefoon zit in je zak. En bijna elke keer krijgen wij dan een bestand binnen waar we niet zo veel mee kunnen.

Dat ligt niet aan die telefoon. Het ligt aan het licht, aan de hoek, en aan het feit dat een camera kleur anders ziet dan jouw oog. In dit stuk lopen we langs alles wat je in de hand hebt, zodat je zelf een bestand kunt maken waar een goede afdruk uit komt.

Wat je nu vastlegt, leg je vast voor altijd

De printer bepaalt niet hoe je reproductie eruit ziet. Het bestand doet dat.
Wat er in die vastlegging verloren gaat, komt er later niet meer bij. Een scheef gefotografeerd doek blijft scheef. Een lichtvlek in de rechterbovenhoek blijft een lichtvlek. Een kleur die is weggevallen omdat je gordijnen oranje kleurden, valt niet terug te rekenen zonder referentie.
Daarom besteed je beter een uur aan het fotograferen dan een middag aan het repareren.

Haal het werk van de muur

Klinkt vanzelfsprekend, maar het gebeurt zelden. Werk dat aan de muur hangt fotografeer je bijna altijd van onderaf, waardoor de bovenkant smaller wordt dan de onderkant. Dat rechttrekken kost scherpte.
Leg je werk plat op de grond of zet het rechtop tegen een muur, op ooghoogte van je camera. Zit het achter glas, haal het eruit. Glas geeft reflecties die niet weg te poetsen zijn in de nabewerking.

Zorg dat er niets gekleurds vlakbij staat. Een rode muur, een groene bank of een houten vloer kaatst licht terug op je werk en verschuift je kleuren zonder dat je het ziet.

Het licht

Hier valt de meeste winst te halen.
Je hebt twee lichtbronnen nodig, links en rechts, allebei onder ongeveer 45 graden ten opzichte van je werk. Even ver weg, even sterk, even hoog. Die hoek van 45 graden is niet willekeurig: hij verlicht het vlak gelijkmatig en laat tegelijk net genoeg schaduw in de verfstructuur om textuur zichtbaar te houden.
Wat je vooral niet doet:

Flitser op de camera. Die geeft een felle plek in het midden en donkere hoeken.
Eén raam als enige licht. De kant bij het raam wordt lichter dan de andere kant. Bij een klein werk valt dat mee, bij een groot doek zie je het meteen terug in de print.
Gemengd licht. Daglicht door het raam plus een lamp erbij levert twee verschillende kleurtemperaturen op in één beeld. Je camera kan er maar één corrigeren. Doe de gordijnen dicht of doe de lampen uit, maar niet allebei tegelijk.

Werk je met vernis of dikke glanzende verf, dan krijg je hoe dan ook glans terug. Een polarisatiefilter op je lens haalt daar het meeste van weg. Wil je het echt goed, dan zet je ook polarisatiefolie voor je lampen, maar dat is al aardig richting professionele opstelling.

De kleurkaart

Dit is het onderdeel dat de meeste mensen overslaan en dat wij het meest missen.
Een kleurkaart is een kartonnetje met vakjes waarvan de exacte kleurwaarden bekend zijn. Je legt hem naast je werk en maakt één opname mét kaart. Daarna haal je hem weg en fotografeer je het werk zelf, zonder iets aan je opstelling of instellingen te veranderen.
Wat je daarmee wint: wij kunnen aan die eerste opname zien hoe jouw licht de kleuren heeft verschoven, en dat terugrekenen over je hele bestand. Zonder kaart is kleurcorrectie gokwerk waarbij we jouw werk nooit gezien hebben.

Een X-Rite ColorChecker Passport is de standaard en kost rond de honderd euro. Er zijn goedkopere varianten die voor dit doel prima werken. Fotografeer je vaker eigen werk, dan verdient hij zich terug bij de eerste reproductie die in één keer klopt.

Camera-instellingen

Kort en concreet:
  • Statief. Altijd. Ook bij goed licht.
  • RAW, geen JPEG. Een JPEG heeft al keuzes voor je gemaakt die je niet meer terugdraait.
  • Laagste ISO die je camera heeft, meestal 100. Ruis in een vlak stuk verf valt op in een grote print.
  • Diafragma rond f/8. Daar is je lens op zijn scherpst. Verder dichtknijpen maakt het weer zachter.
  • Handmatige witbalans, of in elk geval niet automatisch. Automatisch verandert per opname.
  • Vul je beeld, maar laat een paar centimeter ruimte rondom. Bijsnijden kan altijd nog.
  • Recht van voren. Gebruik het waterpas in je camera of je telefoon. Een halve graad scheef zie je terug.

Gebruik een normale lens, ergens tussen 50 en 100 mm op fullframe. Groothoek vertekent de randen van je werk, ook al lijkt het beeld recht.

En je telefoon dan?

Voor klein werk, vlak, zonder veel structuur, en met goed licht kan een moderne telefoon verrassend ver komen. Zeker als je hem in RAW kunt laten fotograferen.

Waar het misgaat is de nabewerking die je niet uit kunt zetten. Telefoons verscherpen, verzadigen en trekken schaduwen op, want dat maakt vakantiefoto's mooier. Bij een reproductie werkt het tegen je, omdat het precies de subtiliteit weghaalt die jouw werk onderscheidt.
Dus: bruikbaar voor een eerste indruk of om ons te laten meekijken. Niet de basis voor een oplage die je gaat verkopen.

Wat je ons stuurt
Stuur het RAW-bestand of een TIFF, niet een JPEG die al door drie programma's is gegaan. Ongescherpt, onbijgesneden, en met de opname van de kleurkaart erbij.
Zit je ernaast met de belichting of staat het net scheef, dan zeggen we dat voordat we gaan printen. Liever dat dan een afdruk die je niet bevalt.

Of je laat het aan ons over


We leggen werk ook zelf vast in het lab. Vaste opstelling, gepolariseerd licht, gekalibreerde camera. Dat is een eenmalige stap: het bestand blijft bewaard, dus latere afdrukken en formaten komen er zo weer uit.
Voor werk dat je gaat verkopen in oplage is dat meestal de verstandigere route. Voor een enkele print van iets kleins kom je met bovenstaande al een heel eind.

Meer weten over wat er daarna gebeurt? Lees hoe wij een kunstwerk reproduceren van doek tot afdruk.

Veel gestelde vragen

Hoeveel megapixels heb ik nodig?

Voor een print op A2 kom je met 20 megapixel prima uit, mits scherp en op de laagste ISO. Scherpte en licht wegen zwaarder dan het aantal pixels.

Kan ik mijn schilderij met mijn telefoon fotograferen?

Voor klein, vlak werk met goed licht komt een telefoon een eind, zeker in RAW. Voor werk dat je in oplage verkoopt is een camera op statief met kleurkaart betrouwbaarder, omdat een telefoon automatisch verscherpt en verzadigt.

Waarom heb ik een kleurkaart nodig?

Zonder referentie in beeld is er geen manier om te weten hoe jouw licht de kleuren heeft verschoven. Met kaart is kleurcorrectie een berekening, zonder kaart is het gokken.

Hoe voorkom ik glans op mijn schilderij?

Werk onder 45 graden, gebruik een polarisatiefilter en haal glas altijd weg. Bij sterk vernis blijft er wat glans over, dat hoort erbij.

🍪 Cookie-instellingen

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat we je de beste ervaring op onze website bieden. lees meer